
83
Opnamen maken – geavanceerde functies
Geavanceerde functies
4
Druk op de knop .
z
U kunt de opname meteen maken met het
geselecteerde AF-kader door op de ontspanknop
te drukken in plaats van op de knop .
z
Het AF-frame wordt teruggezet op de
originele positie (Centrum) als u de knop
ingedrukt houdt.
z
Zet het LCD-scherm aan om het AF-frame
voor het opnemen op de gewenste positie
te plaatsen.
z
Het AF-frame wordt vergrendeld in het
midden wanneer u de digitale zoom gebruikt.
z
Wanneer de optie Spotmetingpunt is
geselecteerd als de methode voor
lichtmeting, kunt u het geselecteerde
AF-frame gebruiken als het
spotmetingpunt (rechts).
z
Zie pagina 26 voor een uitleg van de
AF-framekleuren.
z
Wanneer het programmakeuzewiel is
ingesteld op
TV
,
Av
of
M
en u op de knop
SET
drukt, wijzigt u het item dat kan worden
ingesteld als volgt:
Sluitertijd/AF-frame
Diafragmawaarde/AF-frame
Sluitertijd/Diafragmawaarde/AF-frame
Verschillende methoden voor
lichtmeting gebruiken
Programmakeuzewiel
Deellichtme-
ting
Geschikt voor standaard-
opnameomstandigheden, waaronder
objecten die van achteren worden
belicht. De camera verdeelt het
beeld voor lichtmeting in een aantal
gebieden. De camera beoordeelt de
belichtingsomstandigheden, zoals de
positie van het object, helderheid, direct
licht en de belichting van achteren, en
past de belichting van het hoofdobject
vervolgens automatisch aan.
Centrumge-
oriënteerd
gemiddelde
Hierbij wordt het gemiddelde genomen
van het licht dat binnen het gehele
frame wordt gemeten, maar de nadruk
ligt op het licht in het midden van
het frame.
Spotmeting-
punt
Meet het gebied binnen het
spotmetingframe.
Centrum
Vergrendelt het spotmetingframe op het
midden van het LCD-scherm.
AF-punt
Plaatst het spotmetingpunt op het
AF-frame.
Comentários a estes Manuais